Tunesië

Een 4x4 - reis van 19 oktober tot en met 2 november 2002.
Vorige pagina Home Start Tunesië Volgende pagina

De eerste week (3).


Na een ontbijt dat niets voorstelde, op weg.
Eerst weer richting Ksar Ghilane.
Daar kopen we een geit die terplaatse geslacht wordt. Dat wordt ons avondeten voor de komende dagen.
Slachten van de geit

En dan de echte woestijn in.
Al gauw staan we stil.

Boven op een duin staat de auto van Peter en Jenny al weer te borrelen. Als ik onder de motorkap kijk, zie ik dat de zelfdenkende ventilator niet werkt. Hetzelfde als de auto van Ali gisteren.
Ter plaatse wordt het spul gerepareerd. Het kost een uurtje, maar dan kunnen we wat dat betreft ook voor de rest van de dag gewoon door.
Toch loopt het niet allemaal vlot. We lopen vaak vast. Vooral de pickup van onze begeleiders die enorm zwaar beladen is en bovendien de kop doet, maar ook de auto van Ali.
Eén keer komt Jurgen even in de problemen en een keer Joke en Annemiek, maar dat stelt verder weinig voor.

Ketel hangend op een stok, het keukengerei.
De pickup moeten we meerdere keren trekken en lieren. Dan wilt de motor ook nog een keer niet starten omdat de startmotor het vertikt, maar uiteindelijk krijgt onze monteur hem weer aan de praat. Ik moet zeggen, het gaat af en toe er wat vreemd aan toe in mijn ogen maar uiteindelijk levert hij wel de oplossing.

Ons middageten schiet er bij in. Ik vind het niet zo erg. Ik vind het allemaal een avontuur.
Uiteindelijk slaan we tegen half vijf ons bivak op. Zo maar een plekje lijkt het.
Het blijkt echter weloverwogen gekozen te zijn. Waarom? Vraag het me niet.

Wij richten ons in voor de nacht en drinken een drankje. Zo komen we lekker bij van de hitte van de dag. Tenslotte was het zo rond de 37 graden Celsius.
De kok bereidt het avondeten dat prima smaakt en erg overdadig is.

Nadat de rommel wat opgeruimd is drinken we onze eigen koffie en sluiten daarna weer aan bij het kampvuur waar het erg gezellig is. Daar zitten onze begeleiders te zingen en muziek te maken. Zo maar trommelen op een lege waterton. Maar het klinkt wel. We verstaan de woorden van hun zang niet, maar dat ze plezier hebben blijkt maar al te duidelijk. Om tien uur duiken we het bed in.

Donderdag 24 oktober 2002.

Het begon vrij rustig. Maar het zou al gauw veranderen.
Aanvankelijk is het vrij koel. We zijn ook om zes uur opgestaan, maar de temperaturen lopen uiteindelijk weer flink op. Het terrein is zwaar, erg zwaar.
Wat veel oponthoud veroorzaakt is de Toyota van Ali.
Telkens weer loopt die bak vast. Hij is erg zwaar en het lijkt wel alsof de motor niet voldoende vermogen heeft. Telkens is het weer zwoegen en ploeteren en we schieten slecht op.
Voor ons is dat niet zo heel belangrijk, maar Ali ziet nogal wat problemen voor het programma. Wij genieten er op een bepaalde manier van. Tenslotte is het voor dit soort werk dat wij naar Tunesië zijn gekomen.
Tegen de middag komen we bij een paar waterputten waar we pauzeren.
Er wordt volop water naar boven gehaald. Wat heel erg opvalt is dat er meteen ook water geput wordt voor een paar kamelen die zich in de buurt ophouden.
Na de middag steekt er een sterke wind op.
Het zand wordt opgejaagd en vaak is het een grote warrelende massa.
Het terrein wordt er niet makkelijker op. De duinen worden steeds hoger.

Auto ingegraven in zand
Op gegeven ogenblik loopt Peter helemaal vast. We zwoegen en graven, maar de wind lijkt het zand weer net zo snel terug te blazen als dat wij het weghalen. Jenny is goed pissig en voelt zich kennelijk schuldig. Alsof zij er wat aan kunnen doen.
Uiteindelijk lukt het om de duinenrij te passeren. We dalen langzaamaan af naar een soort van vlakte. In een hoekje vinden we een plaatsje voor de nacht. Het is op slag van donker en we beginnen het kamp op te zetten.
Maar voor het zo ver is moet ik er nog even op uit. Peter gaat met me mee en samen met een paar anderen slagen we er in om de witte Toyo, die weer een keer vast zit, te bevrijden.
Na het eten repareer ik nog de elektrische bediening van de ruiten van de auto van Joke. Door het zand dat overal in stuift werken de bedieningsschakelaars niet en kan de zijruit niet meer bediend worden. Na de schakelaars helemaal gedemonteerd en inwendig gereinigd te hebben werkt het spul weer. We plakken er plastic folie over in de hoop dat dit het zand er uit houdt.
Als we net gegeten hebben duikt er ineens iemand uit het niets op. Het is een herder die op zoek is naar zijn kudde kamelen.
Spel van zand en wind
Hij komt bij ons vragen of wij wat gezien hebben. Volgens de traditie wordt hem een maal en onderdak aangeboden.
Hij bekijkt het hele spul nogal argwanend en snapt kennelijk weinig van de manier waarop wij reizen.
Aangezien het een pittige dag was kruipen we er weer betrekkelijk vroeg in. Om zes uur reveille !
De volgende morgen is de herder spoorloos verdwenen.
Ik schrijf dit stukje verslag pas op vrijdag omdat ik de computer niet voor de dag durfde te halen in verband met het rondstuivende zand.

Vrijdag 25 oktober 2002.
Vandaag zullen we naar de echt hoge duinen trekken.
Eerst valt het mee, een redelijk vlak stuk dat nogal rotsachtig is stelt ons in staat even goed op te schieten. Dan bereiken we het duin. Tijdens de beklimming van het eerste duin zien we in de verte een prachtig schouwspel. Een grote kudde kamelen is zichtbaar. Ook een mens is te onderscheiden. Zou het 'onze' herder van gisteravond zijn?
Maximaal ingezoomd lukt het een paar mooie plaatjes te schieten.
Een kudde kamelen in de verte
Het is nu al duidelijk dat we de dag, die eerder deze week is uitgespaard, meer dan nodig zullen hebben. Na korte tijd wordt het al weer zwaar. Toch schiet het redelijk op. Er is wat op Ali ingepraat en hij heeft vanmorgen een soort briefing gegeven zodat we weten wat het doel voor vandaag is. Ook rijdt de witte Toyo nu vrij vooraan in de groep zodat we niet telkens terug moeten om hem te bevrijden. In de loop van de dag zal hij wel een keer of tien, twaalf, vast lopen maar het bevrijden gaat dan relatief eenvoudig. Toch moeten zowel Steph, Jurgen als ik hem ieder wel een keer of drie lostrekken met de lier.
Het is een geluk onze auto's het zo goed doen anders was de ramp niet te overzien.

Het terrein is nu weer zwaar en moet er regelmatig vol vermogen worden gedraaid om er doorheen te komen. Ik heb nu tweederde van mijn tank verbruikt en het wordt tijd dat we ergens brandstof kunnen innemen. Als alles goed gaat zou dat op het einde van deze dag moeten zijn. We zijn nu immers al voor de vierde dag onderweg.

Rond het middaguur staat we voor een enorm duin, nadat we eerst bij een ander zijn weggegaan omdat er volgens de gidsen geen doorkomen aan zou zijn. We eten eerst even wat en dan gaat het naar boven. De eerste die vast loopt is de witte Toyo. Gelukkig weet Steph hem vrij snel te bevrijden.
Via een andere route weet hij uiteindelijk boven te komen.
De rest volgt vrij vlot.
Net als iedereen boven is ontstaat er een beetje paniek.
Steph heeft bij toeval van de begeleiders vernomen dat het nog drie dagen duurt voordat we een tankstation zullen bereiken. En dat is wat veel van het goede. Steph heeft een benzineauto en is vrijwel door zijn tank en vier 20 liter jerrycans heen. Hij heeft nu nog vier jerry-cans als voorraad.
Voor de anderen is de situatie wel wat beter, maar iedereen begint zich wel wat zorgen over de brandstof te maken.
Na een kort overleg wordt er besloten om een andere route te kiezen en naar Kamour uit te wijken. Dat is een locatie van een oliemaatschappij en daar moet brandstof te verkrijgen zijn. We zullen ons doel dan van een andere kant benaderen, maar dat betekent wel oponthoud en we zullen mogelijk de rest van de reis aan moeten passen.
Het is niet anders. Zonder brandstof komen te staan is een onaanvaardbaar risico.
Tegen de avond maken we een km of tien zuidelijk van onze vorige overnachtingsplaats weer kamp. Gelukkig is de stemming nog erg goed.
Het kamp is snel ingericht. Een drankje gaat er al gauw in.
We hebben een mooie zonsondergang. Er wordt veel afgekletst. Er is veel kontakt met onze begeleiders en we bekijken wat fotos en ik neem de begeleiders op de video op.
Als ik het vertoon heeft dat veel hilariteit tot gevolg. Vooral Mohammet, de oudste gids is ongelofelijk verbaasd over wat er gebeurt.
Na zonsondergang genieten we van een prachtige sterrenlucht. Er wordt veel gezongen en plezier gemaakt. Tegen bedtijd geeft Ali nog een briefing voor morgen.



Vorige pagina Top Home Volgende pagina